PhysioNovo - Het nieuwe concept voor medisch trainen.

Een motorische benadering van rugpijn gebaseerd op clinical reasoning

Zowel nationale als internationale richtlijnen laten zien dat dagelijkse lichamelijke activiteit naast oefentherapie het effectiefst is om rugklachten tegen te gaan. Er bestaat volgens deze richtlijnen geen specificiteit voor beweging: het maakt niet uit hoe je beweegt, als je maar beweegt.

Ofschoon er diverse oefentherapeutische concepten met verschillende benaderingswijzen voor rugpijn bestaan, zijn hun resultaten teleurstellend. Geen enkel concept heeft zich tot nu toe daadwerkelijk kunnen onderscheiden. Bovendien ontbreekt een specifiek en integraal medisch trainingsprogramma dat motorische functies van de heup- en schouderfuncties, gecombineerd met de motoriek van de wervelkolom, verbetert en bovendien baseert op clinical reasoning.

Klassieke Motor control exercise concepten beperken zich tot aspecifiek trainen van de ventrale en dorsale diepe en oppervlakkige rompspieren waarbij zijdelings ook de armen en benen worden betrokken. "Beschadigde tussenwervelschijven en daarmee de functie van de wervelkolom worden hersteld en pijn verminderd".

Movement control exercise programma’s richten zich op delordoserende stabilisatie van de lumbale wervelkolom door statische kracht van de buikspieren te versterken (“plank” oefeningen). De complexe motoriek van het bekken met de motorische invloed van de heup blijft hierbij op de achtergrond.

Sahrmann (2017) heeft dit principe van lumbale stabilisatie uitgewerkt in het kinesiologische pathologische model, KPM). Repetitieve afwijkende bewegingen en langdurige verkeerde houdingen leiden tot patho-anatomische veranderingen in het kapsel- en bandapparaat van gewrichten en kunnen zo systematische bewegingsstoornissen veroorzaken: "The source of pain is the consequence of impaired motion".

Het traditionele biomedische ziektemodel dat overwegend baseert op radiologisch onderzoek blijkt onvoldoende geschikt voor de diagnostiek en behandeling van aspecifieke rugpijn. Duidelijke klinische criteria ontbreken en biomechanische en motorische, wetenschappelijk vaststaande feiten over de wervelkolom, gewrichten en zenuwvezels worden onvoldoende erkend. Diagnosen als "hernia, discusprolaps, (tussen-)wervelkanaalstenose, facetsyndroom, zenuwinklemming, zenuwwortel-irritatie" suggereren dat het klinische beeld met zijn oorzaken zo wordt aangepast dat deze overeenkomen met de radiologische bevindingen.

Reden genoeg om heel anders naar rugpijn te kijken.

Diverse wetenschappers hebben een onweerlegbaar verband aangetoond tussen rugpijn en motorische disfuncties van de schouder- en heupgewrichten. Een motorische benadering van rugpijn is daarom voor de hand liggend en volkomen legitiem.

PhysioNovo legt de prioriteit bij onderzoek en behandeling van rugpijn bij de functie van de heup- en schoudergewrichten en hun nauwe motorische relatie met de wervelkolom. Patho-anatomische veranderingen van deze gewrichten leiden tot afwijkende gewrichtsmotoriek met als direct gevolg uitstralende klachten in een arm of been. De hierdoor ontstane motorische compensatie vindt plaats in de gewrichten van de wervelkolom en zijn aangrenzende scapulothoracale en sacroiliacale gewichten met als indirect gevolg rugpijn:

“The source of pain is the consequence of impaired joints

Alleen goed motorisch onderzoek dat recht doet aan de wetenschappelijke vaststaande biomechanische eigenschappen van het bewegingsapparaat en zenuwstelsel, kan de samenhang tussen de disfunctie van schouder- en heupgewrichten en de pijnlijke wervelkolom blootleggen. In combinatie met klinische rationaliteit is dit de enige manier om reële fysiotherapeutische behandeldoelen te formuleren.

PhysioNovo is een nieuw medisch gestructureerd trainingsprogramma, uniek in zijn zienswijze en aanpak en heeft zich door de jaren heen empirisch bewezen.