Samenhang functie schoudergewricht - nekpijn

Recent onderzoek toont aan hoe insufficiënte functie van het schoudergewricht tot nekklachten kan leiden

Ghamkhar et al. (2020) onderzochten in het kader van de regional interdependence theorie bij 122 patiënten met chronische nekpijn de samenhang tussen de spierkracht in pijnlijke (nek) en pijnvrije (scapulothoracale, schouder, romp en heup) gebieden. 
Uit logistieke en lineaire regressieanalyses bleek dat de component van de schouderkracht zowel een belangrijke voorspeller is voor het optreden van nekpijn als een aanzienlijk effect heeft op de score van de pijnintensiteit. De spierkracht van schouderspieren is tegengesteld evenredig aan de kans op het optreden van pijn in de nek en zijn intensiteit. 
Falla et al. (2004, 2014) vonden bij patiënten met nekklachten een hogere activiteit van de accessoire nekspieren (anteriore scalenii, sternocleidomastoideus, trapezius descendens), tijdens een repetitieve taak van de armen in vergelijking met mensen in een asymptomatische controlegroep. Deze hogere activiteit van de accessoire (nek-schouder-)spieren tijdens de functionele armactiviteit kan duiden op een compensatiemechanisme voor verminderde activiteit van de schouderspieren. Arthromyogene (glenohumerale) inhibitiemechanismen zouden hieraan ten grondslag kunnen liggen (PG).